Info Tekenkunst

tekenkunst_2006_10.jpg In de tekenateliers wordt de visuele wereld om ons heen geobserveerd en geanalyseerd. De cursist leert er onder meer anders, beter en vooral intensiever kijken. Hij kweekt daardoor extra gevoeligheden aan voor ruimte, richting, verhouding, vorm, textuur, nuanceringen, grijswaarden, enz. De oefeningen hebben tot doel te leren tekenen rond waarneming, perspectief, studie naar levend model, het landschap, stillevens en interieurstudies. tekenkunst_2006_12.jpg Al naargelang de vorderingen wordt de persoonlijke inbreng en creativiteit van de individuele cursist belangrijker vanaf jaar drie. Er wordt vooral gewerkt met potlood, houtskool, bister, pen, krijt, enz.

Jaar 1

De cursist leert er al doende beter en anders kijken naar de vertrouwde wereld door op een persoonlijke doch gestructureerde wijze studieobjecten weer te geven. Ver van alle ingewikkelde of hoogdravende theorieën maar startend van bij het begin ( verhoudingen inschatten, perspectieftekenen ) en met respect voor ieders mogelijkheden. Hij leert allerlei hulpmiddelen en technieken te gebruiken die het mogelijk maken om eenvoudige zaken te tekenen, ruimtelijk inzicht te verwerven en juiste verhoudingen weer te geven via constructies. Door onderricht en oefeningen in de werking van licht en schaduw trachten we basisvormen “levensecht” te tekenen.

Jaar 2

De principes van perspectief worden verder uitgediept waarna meteen in een hogere versnelling wordt overgegaan voor grotere en meer complexe opstellingen, zowel binnen (stillevens en planten) als buiten (gebouwen, landschappen). Door ondermeer de verworven inzichten met betrekking tot verkortingen en verdraaiingen van ingewikkelde vormen, wordt de cursist in staat geacht om moeilijke maar uitdagende opdrachten zoals de studie van het menselijk hoofd aan te vatten. Waarnemingstekenen van profiel en vooraanzichten in zowel potlood als houtskool, pen en inkt, bister en penseel, contékrijt op gekleurd papier enz…

Jaar 3

Dit vormt zowat een overgangsjaar waarbij de basistechnieken met de min of meer klassieke tekenthema’s langzaamaan plaats maken voor een meer persoonlijke en creatieve manier van benaderen. Door het aanwenden van meer grafisch getinte technieken en een vrijere manier van aanpakken, zal de cursist zich meer verdiepen in de compositorische opbouw en samenstelling van het werk en tracht hij door ontleding tot vormvereenvoudiging te komen. Voor het eerst komt hierbij “het schetsen” veel ruimer aan bod als ‘andere’ tekenvorm. Kortom, er wordt een stevige basis gelegd voor het afronden van de twee laatste jaren. Daarbij maakt de cursist op het einde van dit jaar een strikt individuele, thematische keuze die hij het volgende jaar zal uitdiepen in een door hem persoonlijk gekozen tekenmateriaal.

Jaar 4

De cursist stelt in samenspraak met de docent zelf zijn individueel jaarprogramma samen. Hij zal op het einde van het jaar beoordeeld worden in de mate waarin deze eigen doelstellingen worden gehaald. De daarbij gehanteerde thematiek is vrij door de cursist te bepalen; landschap en planten, levend model, dieren, stilleven, fantastische taferelen, (figuratieve) abstractie, illustratief tekenen, enz. De cursist zal zich zo ver als mogelijk inwerken en verdiepen in de gekozen thematiek. Ook de gebruikte technieken worden daarbij in al hun vormen en mogelijkheden verkend en aangetoond. De docent begeleidt zo individueel mogelijk en stuurt de moeilijkheidsgraad naar het niveau van de vaardigheden die verworven geacht worden in dit stadium van de opleiding.

Jaar 5

Tijdens het laatste jaar van de opleiding geniet de cursist een ruime mate van vrijheid, zowel wat inhoud als vorm betreft. De cursist bepaalt de eigen doelstellingen die, slechts minimaal bijgestuurd, met een zekere afstand door de docent worden opgevolgd. De cursist geeft in het werk blijk van een gedreven zoektocht naar een krachtige vormentaal en een persoonlijke lijnvoering, werkt de ideeën creatief uit en tracht daarbij een eigen sfeer te creëren. Kortom, de cursist bewijst dat hij in staat is zijn eigen gang te gaan en dit geduldig maar vastberaden verder uit te puren.

Aan het einde van jaar 4 en 5 wordt het werk voorgelegd aan een jury, samengesteld uit 2 kunstenaars van buiten de academie en de vakdocent(en) van het IKO.Indien geslaagd ontvangt de cursist een getuigschrift van de Vlaamse Gemeenschap.

  • Share/Save/Bookmark
INSCHRIJVINGEN 2010-2011
Het Stenen Kindeken
Get the Flash Player to see the slideshow.
Agenda
september 2010
ma di wo do vr za zo
 12345
6789101112
13141516171819
20212223242526
27282930EC
IKO op Facebook